Dubbelinterview met twee nieuwe collega’s

De afgelopen weken zijn er bij Huis van het Kind Brussel twee nieuwe huisverantwoordelijken gestart: Flora in Elzenhof en Alberte in Den Dam. Tijd dus om met hen kennis te maken!

Alberte (links) en Flora (rechts)

Met een stapel boeken onder hun armen komen ze het lokaal in Elzenhof waar ik met hen afsprak binnengewandeld. Ik lees titels als “Ruimten maken voor nul- tot vierjarigen”, “Het grote snoezelboek”, “Het spel van kinderen voor professionals”. Meteen word ik aangestoken door hun enthousiasme. Deze twee dames zijn duidelijk klaar om erin te vliegen. 

Kun je jezelf kort even voorstellen? 

Flora: “Ik ben 24 jaar, geboren in Brussel maar ik ben op jonge leeftijd naar Aalst verhuisd. Ik ben van opleiding sociaal werker, maar studeer momenteel ook nog in avondonderwijs politieke wetenschappen aan de VUB.” 

Alberte: “Ik kom uit Denemarken maar ben toen ik klein was naar Oudergem verhuisd en daar woon ik nu nog steeds. Ik ben 26 jaar en net afgestudeerd in criminologie. Mijn thesis ging over het recht op abortus en zo is mijn interesse in familiale thema’s ontstaan.” 

Flora: “We zijn ook allebei meertalig. Ik spreek Nederlands, Frans en Engels en begrijp Lingala. Alberte spreekt Nederlands, Deens, Engels, Frans en een beetje Spaans.” 

Heb je een persoonlijke link met het Huis van het Kind? 

Alberte: “Heel grappig, maar ik heb al oude kinderfoto’s van mezelf teruggevonden in bestanden van Den Dam. Ik kwam hier als kind al met mijn ouders en vaak ook met mijn lagere school om de hoek van het gemeenschapscentrum.” 

Flora: “Ik heb in mijn tweede jaar sociaal werk een stage gedaan bij Home-Start in Leuven. Zij hadden ook een babytheek en lagen qua locatie naast een Huis van het Kind. Ik heb ook nog als vrijwilliger gezinsondersteuning geboden aan een gezin in Aalst. Het is een werkveld dat mij echt ligt.”  

Wat motiveert jullie om de rol van huisverantwoordelijke op te nemen? 

Alberte: “Ik vind het heel fijn wanneer het lukt om moeilijke onderwerpen bespreekbaar te maken. Ik wil echt heel graag een plek vormgeven waar mensen elkaar ontmoeten en waar ze terecht kunnen met alle soort vragen, zonder beoordeeld of veroordeeld te worden.  

Ik zoek in mijn functie een balans tussen het ondersteunen van mensen tijdens hun moeilijke momenten langs de ene kant en het mee genieten van de mooie momenten en groeimomenten van families langs de andere kant. En het warme onthaal van het Huis van het Kind dat ik meteen heb gevoeld toen ik startte helpt daar ook enorm bij.” 

Flora: “Ik werkte hiervoor bij het OCMW in Laken, een heel nuttige job maar ik haalde er niet de voldoening uit die ik zocht. Ik vind gezinnen en kinderen een fijne doelgroep. Ik kijk ernaar uit om een veilige plek te creëren waar mensen kansen krijgen, een netwerk kunnen opbouwen en zelf ook iets kunnen uitbouwen.  

Wat ik me zelf herinner uit mijn kindertijd is het belang van die prille vriendschappen, zeker nadat ik verhuisde. Voor nieuwkomers in Brussel is het zo belangrijk om contacten te leggen en daarin wil ik heel graag ondersteuning bieden. En tot nu toe ben ik al elke dag met een brede glimlach naar mijn werk kunnen vertrekken.” 

Wat vormen voor jullie uitdagingen in je nieuwe job? 

Flora: “Ik ben nog maar een week gestart, dus dat is een moeilijke vraag. Sowieso zal ik moeten starten met de partners in de buurt te leren kennen en een netwerk op te bouwen in Elsene.” 

Alberte: “Ik heb zelf heel veel ideeën natuurlijk, maar ik denk dat de grootste uitdaging zal zijn om niet te vertrekken van mijn eigen ideeën maar van de noden van de gezinnen zelf. Ik wil er dus zo veel mogelijk op uit trekken en gaan praten met de mensen. 

Er is ook veel te doen rond de superdiversiteit in Brussel, maar ik heb daar eigenlijk zelf nooit veel bij stilgestaan. Als je daarin bent opgegroeid vind je dat normaal. Ik zou het niet anders wensen.” 

Waarvoor mogen collega’s altijd bij jou aankloppen? 

Alberte: “Altijd welkom voor een babbel, koffie of wandeling. Ik ben ook echt een georganiseerde persoon, dus als iemand wat orde in de chaos zoekt, moet je bij mij zijn.” 

Flora: “Ik zou zeggen alles. Ze kunnen voor alles bij me terecht, zolang ze me in de winter niet te veel buiten in de koude zetten want daar kan ik echt niet tegen. Je zult dus altijd een warm onthaal krijgen in Elzenhof: in de zomer in de mooie tuin en in de winter binnen."

close

{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x