De kracht van baboes: onze mensen

Huis van het Kind Brussel bracht de afgelopen weken de verantwoordelijken van de verschillende huizen samen om te praten over de concepten “spel” en “ontmoeting”. Zo werken we aan een gemeenschappelijke visie achter het concept “baboes”. Zo’n visie is belangrijk, maar heel duidelijk bleek opnieuw dat de echte kracht van baboes schuilt in de medewerkers die de ouders en kinderen ontvangen.  

We spraken met Rania Seddiki die al jarenlang baboes in Laken organiseert. Rania is een lieve en rustige dame, die je meteen op je gemak stelt en vol interesse naar je luistert. Ze maakte buiten haar uren om tijd vrij om met ons te spreken wat mee illustreert hoe gepassioneerd ze is over haar job. 

Kun je jezelf even kort voorstellen? 

Ik ben Rania, 44 jaar, woon in Laken en heb 3 kinderen. Ik heb ongeveer 5 jaar voor Ket in Brussel gewerkt als baboesmedewerker. Ook toen Ket in Brussel ermee stopte, ben ik dit nog blijven doen als vrijwilliger. Nu heb ik dankzij Nekkersdal opnieuw een contract sinds maart. Mijn functie wordt nu ook breder, want ik zal niet alleen baboes in Laken organiseren maar ook de babytheek en in de toekomst zal ik ook aanwezig zijn bij consultaties bij Kind & Gezin in Nekkersdal. Die variatie vind ik wel fijn.  

Wat is “baboes” eigenlijk? 

Tijdens de baboesmomenten zijn ouders welkom om samen met hun kindje te komen spelen op een fijne en veilige plek waar ze ook andere ouders kunnen ontmoeten. Ze kunnen er spelen met hun kindje en opvoedingstips uitwisselen met andere ouders. Dat gebeurt trouwens meestal niet mondeling. Vaak is het zien van hoe andere ouders omgaan en spelen met hun kind al een voorbeeld dat ouders doet nadenken over hun eigen opvoedingsmethodieken. 

Kindjes kunnen er ook sociale contacten leggen als voorbereiding op de kleuterschool bijvoorbeeld, want veel kleine kinderen gaan niet naar de kinderopvang en voor hen is de start van de kleuterschool soms een moeilijk moment.  

Hoe kwam je in contact met Huis van het Kind? 

Tijdens mijn CVO- opleiding Kinderbegeleiding en gezinsopvang kwam het thema “Spel en ontmoeting” aan bod. Er werd verteld over “baboes” en ik was toen al nieuwsgierig naar het concept. Toen ik een vacature zag verschijnen als baboesmedewerker greep ik meteen die kans. Ik moet natuurlijk vrij flexibel zijn en ik werk ook op zaterdag bijvoorbeeld, maar het is zo’n leuke job dat ik dat er graag bij neem.   

Wat vind je leuk aan deze job? 

Ik woonde al veel langer in Laken maar kende er eigenlijk maar een beperkte groep mensen. Dankzij mijn functie kom ik nu met heel veel mensen en heel veel diverse groepen mensen in contact. Die bijzondere ontmoetingen, dat vind ik echt verrijkend.  

Er zijn veel zaken veranderd in de context waarin je werkt. Heeft dat een grote impact gehad? 

Ik zie het nieuwe verhaal zeker positief in. Ik leer nieuwe collega’s kennen en zal er ook nieuwe taken bij krijgen. Natuurlijk mis ik mijn oude collega’s met wie ik heel veel contact had, maar hopelijk bouw ik met mijn nieuwe collega’s even waardevolle vriendschappen op.  

Heb je tips voor nieuwe medewerkers die pas starten? 

Ik zou als advies willen meegeven om te blijven experimenteren. Blijf niet vasthangen aan één enkele aanpak, want die werkt misschien bij de ene moeder maar daarom zeker niet bij een andere moeder of vader. En veel hangt af voor het moment dat je kiest om iemand aan te spreken. Je moet aanvoelen wanneer ze openstaan voor een babbeltje en wanneer ze net even rust nodig hebben of net heel leuk aan het spelen zijn met hun kind.  

Je bouwt in je functie heel wat connecties op met mensen, wat soms heel dicht bij je persoonlijke leefwereld komt. Waar trek jij de grens professioneel/privé? 

Dat is inderdaad een moeilijke grens, vooral als je heel empathisch bent. Het is zo dat wij een vertrouwenspersoon worden voor veel mensen. Ze weten dat ze bij ons terechtkunnen en dat wat ze ons vertellen niet verdergaat dan hier. Daardoor horen we soms heel moeilijke verhalen. We proberen dan een brugfiguur te zijn naar hulpinstanties, zonder zelf advies te geven. Dat is soms moeilijk. Soms neem ik dit soort verhalen mee naar huis, maar hoe langer ik dit werk doe hoe beter ik leer om toch wat meer afstand te houden. Gewoon omdat je het anders niet volhoudt.   

Wat zal je altijd bij blijven aan je werk bij Huis van het Kind? 

Het is heerlijk om kindjes die je als baby hebt gekend na verschillende maanden opnieuw terug te zien. Je zag ze als baby rollen en tijgeren en plots lopen ze rond. En natuurlijk zijn er ook kinderen die je heel vaak ziet. Dan maak je echt die ontwikkeling van het kind van op de eerste bank mee. Er is niet veel mooiers dan een kind te zien groeien en bloeien. 




close

{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x